De grens die ruimte maakt
Er is een woord in het boeddhisme voor de rust die niet wegkijkt. Upekkha. Het vermogen om bij het lijden te blijven zonder erin te verdrinken, zonder je ervoor af te sluiten. Margarit oefent dat iedere dag, al noemt ze het zelden zo. Op een erf waar dieren leven met een geschiedenis van verwaarlozing heeft ze die rust nodig.
10 augustus, 2026
Sinds hij veertien dagen oud was, leeft Willem aan de zijde van Margarit. Een jong stiertje die in zijn eerste levensdagen op de hoeve aankwam en sindsdien nooit iets anders heeft gekend dan dit leven, deze aarde en deze relatie.
We hebben er vaak over geschreven, over de weldaad en noodzaak van ritme, reinheid en regelmaat op De Nobele Hoeve. Niet alleen om de kudde optimaal te ondersteunen, maar ook zodat Margarit dit werk op een fijne en prettige manier nog heel lang kan blijven doen.
Op een zonnige wintermiddag terwijl Margarit haar ronde aan het doen is, ziet ze Mila heel geconcentreerd bezig en besluit het tafereel te observeren.
Hoe blijven we staan als de maatschappij wankelt? Hoe houden we ruimte voor de zorg voor onze Nobele bewoners als de aarde trilt? Hoe verwijlen we in het midden als het links en rechts trekt en deint en sjort?
Het hoeden van een kudde meer dan menselijke wezens kan ontzettend veel omvatten. Er is de praktische laag. De laag van alledag, die de zorg betreft; het voeren, het scheppen van poep, het opmaken van strobedden en het checken van de dieren of ze allemaal in orde zijn.
Of beter gezegd, hoe verhoud je je tot een ander wezen, immers is een dier een individu, een eigen iemand met een eigen karakter en eigen behoeften. Toch gedragen veel mensen zich over het algemeen fundamenteel anders tegenover dieren dan tegenover andere mensen.